Wat doet je website nu écht?

Vorige week sprak met ik met twee ondernemers die alle twee hun teksten via mij hadden gekregen. De ene had destijds al een nieuwe vormgeving klaar staan en kon na de nieuwe tekst, en de veranderingen die we samen hadden uitgeplozen, nog even kortsluiten met haar webbouwer en daarna direct live.
Wat dat voor effect had, vroeg ik haar vorige week. Dat wist ze niet precies. Het was niet zo dat ze ineens honderden bezoekers extra op haar site heeft. Maar, zo stelde ze: ze draait wel verrekte lekker. Opdrachten blijven binnenkomen. Nieuwe mensen komen op haar pad. Ze stráált.

We besloten dat het de energie was die stroomde. Waarin die website leuk mee stroomde, maar hoe en wat, dat weet je nooit.

Die andere klant zat ook vol met plannen in het voorjaar.

De website was nodig toe aan een opfrisbeurt én het aanbod hebben we  – samen – naar een pakket getild waarvan we beiden dachten dat het echt fantastisch kon worden. Het begin van zijn website stond snel genoeg,  want de structuur hadden we samen gemaakt. Maar het afmaken, dat duurde nu al vier maanden. Er blijven steeds puntjes liggen waardoor de site nog niet online kan. ‘En dat ene pakket, dat duurste?’, memoreerde de klant. ‘Dat heb ik toch wat teruggeschroefd. Ik weet niet of dat wel zo’n goed plan was’.

Ik snap het. De twijfel, de onzekerheid. Maar ik vind het wel jammer.

Want als je grote plannen hebt voor jezelf, is dat plan er niet zomaar gekomen. Jouw bedenksels hebben echter wel ondersteuning nodig. Zodra je het voor je ziet op je eigen website, krijg je de kick om ervoor te gáán. Je hart krijgt de bevestiging dat hetgeen je met je hoofd hebt bedacht, ook écht gaaf is. En dan bied je het aan, en voordat je het weet heb je er een klant voor… kun je het waarmaken… en wil je niet anders meer.

Maar dan moet het wel stromen! Als de website blijft steken onderweg, blijven alle plannen even hangen en grijpen je twijfelstemmetjes direct hun kans. Het is niet voor het eerst dat ik de energie zie inzakken als een plumppudding, als het zo lang duurt om de website online te krijgen.

Mijn tip is dus om alles goed voor te bereiden. Strak in te plannen. En te werken met partijen die jou daarbij ondersteunen.
Zelf zat ik gister met de webbouwer sámen om de tafel met de klant. Een hele dag, ja, ik weet het, dat is láng.

Per telefoon had ik al uitgebreid met de klant gesproken. Mijn verkoopgesprek is altijd kort, want de prijs staat op mijn website, dus wil je of wil je niet? Zodoende kan ik rustig een uur een voorgesprek houden. Geen salespraatje, maar een inhoudelijke voorbereiding zodat mijn hersens vast kunnen warmdraaien op dit onderwerp.

Daarmee haal ik meteen de informatie binnen om de fotografe te instrueren over de sfeer en beelden die we nodig hadden. Met de klant en de webbouwer hebben we samen geschetst welke pagina’s we nodig hebben. Hoe we het boekingssysteem zo simpel mogelijk houden. En met de fotoreportage hadden we alvast een homepage in elkaar gesleuteld die een lach op haar gezicht toverde die er niet meer afging.

Aan het eind van de dag waren we allemaal moe. Maar de energie stroomt. Ik ga nu schrijven. En over twee weken schuiven we alles in elkaar. Een week later moet dan de héle website af zijn. Ondertussen past de klant haar Google –profiel aan. En blijft ze dingen klaarzetten voor haar zichtbaarheid op Facebook. De opzet voor haar nieuwe nieuwsbrief, begin oktober, hebben we gister al even gemaakt tijdens de lunch.

Ik weet zeker dat deze klant straks heel lekker draait. Of het nu om meetbare bezoekersaantallen gaat of om de energie: je website geeft je de kick om weer vol gas te geven in je bedrijf. Voor mannen misschien vergelijkbaar met de kick van een nieuwe auto? En voor vrouwen dat zelfvertrouwen als je het perfecte setje hebt aangeschaft voor die speciale gelegenheid?

Gun jezelf niet alleen die website, maar ook die energie. En denk dus om je planning!

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Delen mag, graag zelfs

Wie kan deze tips nog meer gebruiken?